De particuliere belegger is aan het verdwijnen


Steeds minder mensen bezitten zelf direct aandelen of beleggingsfondsen. In het midden van de jaren negentig van de vorige eeuw had zo’n 6 procent van de gezinnen zelf aandelen en zo’n 9 procent had beleggingsfondsen. Deze percentages zijn in de loop van de tijd sterk gestegen om daarna weer sterk te dalen.

Op het hoogtepunt in 2003 had zo’n 16 procent van de gezinnen aandelen. In de jaren daarna kwam de directe deelname aan de aandelenhandel onder druk te staan. Eerst kwam dit doordat steeds meer mensen hun directe aandelenportefeuille omruilden voor een portefeuille met beleggingsfondsen. 

De populariteit van beleggingsfondsen nam daarmee toe tot een ongekende hoogte in 2009 toen zo’n 23 procent van de gezinnen één of meer beleggingsfondsen had. Met het uitbreken van de financiële crisis werd de negatieve trend ingezet. Inmiddels heeft nog zo’n 8 procent van de particulieren zelf aandelen en zo’n 14 procent beleggingsfondsen. 

Vertrouwensbreuk

Daarmee is de participatie van de particulier nog steeds hoger dan in het midden van de jaren negentig maar wel erg laag. In het algemeen is deze trend toe te schrijven aan de ineenstoring van het vertrouwen in financiële markten na de crisis van 2009. Er zijn echter ook meer specifieke oorzaken. 

Een van deze oorzaken is de aangescherpte zorgplicht waarmee toezichthouders de vertrouwenscrisis bestrijden. Deze zorgplicht verbetert niet alleen de dienstverlening, maar werpt ook belemmeringen op voor de financiële consument die nu regelmatig formulieren moet invullen om zijn of haar risicoprofiel bij te werken, een kennistest moeten invullen en regelmatig informatie moet verschaffen aan adviseur of vermogensbeheerder.

Er zijn nogal wat consumenten die geen zin hebben in deze paternalistische aanpak en derhalve maar stoppen met beleggen.

Een andere oorzaak is dat met name de groep dertigers aanzienlijk minder belegt dan twintig jaar geleden. De hedendaagse dertiger moet het vaak stellen met een tijdelijk contract of werkt als zzp’er. Derhalve is de capaciteit om risico te nemen kleiner dan die van de dertiger van twintig jaar geleden met een vaste aanstelling.

Daarnaast moet de dertiger tegenwoordig meer eigen geld inbrengen bij de aanschaf van een  woning. Hierdoor blijft er minder geld over om te beleggen. 

Veel beleid in de afgelopen jaren is erop gericht geweest om individuele verantwoordelijkheid te bevorderen door bijvoorbeeld de invoering van het eigen risico in de zorg, de eigen keuze voor een zorgverzekeraar, het afschaffen van de basisbeurs voor studenten waardoor ouders zelf moeten gaan sparen voor hun studerende kinderen.

Pensioenen

In het bijzonder zijn de pensioenen over de loop van de afgelopen twintig jaar behoorlijk versoberd, waardoor het steeds belangrijker wordt dat een individu een eigen spaarpot heeft. 

Dit kan de dertiger van nu nog lelijk opbreken omdat deze veel meer dan voorheen afhankelijk zal zijn van zijn persoonlijke vermogensopbouw voor de toekomstige pensioenvoorziening. Deze zal later beginnen met het proces van vermogensopbouw, waardoor tien jaren om te sparen en beleggingen te laten redenderen onbenut voorbij zullen gaan.